Reflex 3000 Diversen Menu: 9.13 Definiëren exportbestand(en) verkoop
Dit menu onderdeel verschijnt alleen in het programma indien Reflex Export in uw licentie is opgenomen.
Met Reflex Export is het mogelijk om pakbon en factuurregels in ASCII formaat klaar te zetten in een zelf gedefinieerd formaat t.b.v. een ander softwarepakket. U kunt 10 verschillende opmaken definiëren en per debiteur is aan te geven welke export definitie voor de factuurregels en voor de pakbonregels gebruikt dient te worden (zie debiteurenbestand). Wordt er nu een pakbon of factuur geprint, dan wordt automatisch het betreffende exportbestand aangemaakt.
Er kunnen 10 recordindelingen worden gedefinieerd (A-J). Per debiteur is aan te geven welke recordindeling voor de pakbon- en/of de factuurregels gebruikt dient te worden. Om een nieuwe recordindeling aan te maken, kies de eerst nog niet gebruikte recordindeling gevolgd door te klikken op Definieer of door te drukken op Enter.
Door te dubbelklikken op de naam is het mogelijk deze te wijzigen in een duidelijke naam voor de toepassing.
9.13.1 Recordindeling
De recordindeling wordt onderscheiden in 5 gedeelten.
Bestandsnaam
Geef hier de naam het bestand in, waarin de regels klaargezet dienen te worden. Variabelen kunnen in de bestandsnaam gedefinieerd worden en worden tijdens het aanmaken van het bestand vervangen door de betreffende waarde. Selecteer een variabele uit de lijst en klik op Voeg in.
Identificatieheader
Hier kunt u een zogenaamde identificatieheader aangeven. Deze header wordt één maal in het bestand gezet bij het aanmaken van het bestand.
Kop
Het is mogelijk om het exportbestand bij iedere nieuwe pakbon of factuur met een kopregel te laten beginnen. Zo weet een ander softwarepakket dat er een nieuwe pakbon of factuur begint. Het is niet noodzakelijk om deze regel te definiëren.
Pakbon / factuurregel
Hier kunt u aangeven hoe het record van de betreffende definitie eruit komt te zien. Uit de lijst kunt u variabelen selecteren. De gedefinieerde variabelen worden tijdens het printen van een pakbon of factuur door het Reflex programma vervangen door de betreffende waarde.
Alle tekens tussen < en > zijn variabelen. Alle overige tekens zijn ingetypt, en worden ook ongewijzigd geëxporteerd.
Met ^xx is het mogelijk om ASCII tekens kleiner dan 30 te definiëren. Stel u wilt een record laten beginnen met STX (start tekst), dan typt u ^02. Het Reflex programma vervangt tijdens het aanmaken van het betreffende exportbestand ^02 door het STX teken.
Ordersubregel
Indien u gebruik maakt van subregels, dan kunt u hier de indeling van de subregels definiëren. Uit de lijst kunt u variabelen selecteren. De gedefinieerde variabelen worden tijdens het printen van een pakbon of factuur door het Reflex programma vervangen door de betreffende waarde.
Pakbon / factuurtekstregel
Hier kunt u definiëren hoe eventuele tekstregels geëxporteerd moeten worden. Uit de lijst kunt u variabelen selecteren. De gedefinieerde variabelen worden tijdens het printen van een pakbon of factuur door het Reflex programma vervangen door de betreffende waarde.
Eind
Het is mogelijk om het exportbestand aan het einde van een pakbon of factuur af te sluiten met een eindrecord. Het is niet noodzakelijk om deze regel te definiëren.
Parameters
Hier kunt u aangeven of getallen door een punt of door een komma gescheiden dienen te worden.
Ok bestand
Hier kunt u aangeven of er wel of geen Ok bestand klaargezet moet worden. Dit kan worden gebruikt om een externe applicatie te laten wachten met importeren van de gegevens totdat Reflex na het exporteren van alle informatie een Ok bestand heeft aangemaakt.
Lege regels
Hier kunt u aangeven of orderregels zonder registratie wel of niet geëxporteerd moeten worden.
Meer in deze rubriek
- 9.1 Pakketinstellingen
- 9.2 Reflex 3000 printernamen (per administratie)
- 9.3 Lokale Windows printers koppelen aan Reflex 3000 printers (per computer)
- 9.4 Formulieren koppelen aan Reflex 3000 printers
- 9.5 Ingave tekstregels
- 9.6 Documentopmaak
- 9.7 Reflex Managementinstelllingen
- 9.8 Management
- 9.9 Flex managementmutaties
- 9.10 Definiëren importbestand stambestanden
- 9.11 Importeren stambestanden
- 9.12 Definiëren exportbestand(en) inkoop
- 9.13 Definiëren exportbestand(en) verkoop
- 9.14 Gebruikersbestand
- 9.15 Gebruikersmanagement
- 9.16 Licentie / Updatemanagement
- 9.17 Herstellen bestanden
- 9.18 Opschonen bestanden
- 9.19 Logboek
- 9.20 Instellen achtergrond
- 9.21 Programma's in menu opnemen
- 9.22 Taakplanner
- 9.23 Logboek taakplanner
- 9.24 Afroep taken