Dynamische velden gebruiken in rapporten in ReflexBlue
In ReflexBlue kan je bij het maken van rapporten gebruikmaken van dynamische velden voor entiteiten die dit ondersteunen. ReflexBlue stelt hiervoor in de Business Objects van het rapport een Dynamic eigenschap beschikbaar bij de entiteit.
Je vindt de Business Objects in de Report Designer van de ReflexBlue Desktop Client. Hier zie je per rapport welke gegevens beschikbaar zijn, inclusief de dynamische velden.
Het dynamische veld is beschikbaar als genest object in de Business Objects-structuur. De syntaxis is als volgt:
<entiteit>.Dynamic.<locatie>.<hoofdlocatie>.<identifier>
| Naam | Omschrijving |
|---|---|
<entiteit> | De naam van de entiteit in het rapport. |
<locatie> | De naam van de locatie van het dynamische veld bij de entiteit. Je geeft deze op bij het aanmaken van het dynamische veld. Elke entiteit heeft specifieke locaties. Bekijk het overzicht op Dynamische velden ondersteuning in ReflexBlue. |
<hoofdlocatie> | De naam van de hoofdlocatie, meestal Common. |
<identifier> | De Identificatie die is opgegeven bij het aanmaken van het dynamische veld. |
Voorbeeld:
Stel, je wil in een artikelenoverzicht een dynamisch veld met identifier OPNEMEN_IN_DE_WEBSHOP tonen. De locatie van het dynamische veld is Sales en het rapportobject is ArticlesReport.
In het rapport is het veld beschikbaar als {ArticlesReport.Articles.Article.Dynamic.Sales.Common.OPNEMEN_IN_DE_WEBSHOP}.
In de Business Objects van het rapport ziet de structuur er als volgt uit:
Business Objects
└── ArticlesReport
└── Articles
└── Article
├── Dynamic
│ └── Sales
│ └── Common
│ └── OPNEMEN_IN_DE_WEBSHOP
├── Code
├── Description
...